Het gras van de buren

Soms is het nodig om weer met beide benen op de grond te worden gezet, al dan niet vrijwillig. Loop een middagje over de markt, waag je leven door een bezoek aan de Huishoudbeurs, doe een rondje door het noodzakelijk kwaad van retail Nederland: ‘Blokker’ of pak een relatief goedkope vlucht op Schiphol. Adem in, adem uit. Dit is gemiddeld Nederland. Dit is een reality check.

Je zou toch denken dat een kaaskop als ik, opgegroeid in een vredig Nederlands dorp, niet zo snel staat te kijken van gemiddeld Nederland. Op de vlucht van Amsterdam naar Istanbul ga ik er eens goed voor zitten. Wat is dat toch dat het grijze Nederlandse klapvee van mijlenver te herkennen is en het altijd over dezelfde dingen lijkt te hebben?

Hypothese
Ik zit en luister. Tijd voor een sociaal experiment. Truus, Mien, Harry, Bep, Sjaak, Toos, Kees en consorten hebben zo te horen geen last van dit vroege tijdstip, dus voldoende input voor mijn analyse wordt in ieder geval geen probleem. Volgens goed wetenschappelijk gebruik formuleer ik ter plekke een hypothese: 75% van de gesprekken gaat over het weer en over geld. Natuurlijk.

‘Heb je het al gehoord? Het regent in Istanbul.’
‘Nou, het is wel koud hè voor de tijd van het jaar?’
‘Wat heb jij eigenlijk betaald voor je hotel?’
‘Zie ik daar een zonnetje door het wolkendek piepen?’

So far so good. Geheel naar verwachting wordt er gekeuveld over het weer en over de kosten van de vlucht, het hotel en de prijs van het huis. Ondanks het vroege tijdstip ben ik redelijk scherp al zeg ik het zelf. Er knaagt namelijk iets. Mijn hypothese ga ik verwerpen. Ik voel het. Maar wat is het dan?

Al het goede komt in drieën
Al het goede komt in drieën zeggen ze wel eens. Dat moet het zijn. Er mist een veelbesproken onderwerp wat Nederlanders typeert. Geconcentreerd analyseer ik de gesprekken tot ik langzaam maar zeker een patroon ontdek. Naast geld en onuitputtelijke analyses van het weer is er een derde onderwerp wat iets meer op de achtergrond sluimert, maar eigenlijk verweven is in een groot deel van de gesprekken.

Ik noem het ‘Als ik het maar beter heb dan een ander’. Of dat nou de buren zijn, familie, vrienden, een collega of een willekeurige voorbijganger. Mijn testgroep wist de gesprekken altijd op slinkse wijze zo te verdraaien dat ze er in ieder geval zelf goed uitkomen óf dat er minimaal een vergelijking werd gemaakt met een ander: ‘In Nederland regent het vast harder dan in Istanbul’, ‘Wij hebben het huis voor meer geld verkocht dan de buren’ en ‘Ziet er mooi uit hoor, maar wat betaal je als ik vragen mag? Oh ja.. nee wij zitten echt midden in het centrum en betalen de helft!’

Sinds dit heldere moment kan ik het niet meer loslaten. Ik voel me verziekt. Verziekt door het egoïsme en de bewijsdrang van mijn testgroep. Wie bewijst me het tegendeel? Overal om me heen hoor ik Nederlanders roepen dat het gras van de buren minder groen is dan hun eigen blinkende gazonnetje.

Eenmaal thuis werp ik een blik op mijn tuin en die van de buren. Niet om het een of ander, maar misschien moet ik die dorre bende voor mijn huis toch maar weer eens opknappen.

Advertenties

2 gedachten over “Het gras van de buren”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s