It giet oan!

rayonhoofdZaterdagavond, 22.30 uur. Een mooie tijd om naar bed te gaan, moet ze hebben gedacht. Waarom afwijken van een vast patroon? Voor ze onder haar donzen dekbed kruipt, legt ze haar telefoon op het nachtkastje aan de lader. Deze winter heeft hij wederom niet van haar zijde geweken. Terwijl ze Vijftig Tinten Grijs leest, spiekt ze af en toe op haar mobieltje. Het is nog rustig, maar ze weet dat het elk moment kan gebeuren. Het boek dat haar normaal bekoort zo vlak voor het slapen, krijgt niet de aandacht die het verdient. Net als ze in een diepe slaap verzonken is, gaat haar telefoon. Slaperig grijpt ze haar mobieltje. Bij het lezen van het berichtje gaat haar hart tekeer: ‘IT GIET OAN!’

Ze springt direct uit bed en loopt naar de eikenhouten stoel die winter na winter in de hoek van haar slaapkamer staat. Het knalgele hesje dat over de stoel hangt, steekt vrolijk af tegen de lichtgele muren. Met koeienletters prijkt een minuut later RAYONHOOFD op haar rug. Het is niet te missen. Ze voelt de druk die op haar brede schouders rust. Na de laatste Elfstedentocht in 1997 heeft ze zich aangemeld als rayonhoofd, maar nog nooit is de tijd daar geweest dat ze zich kon bewijzen.

Haar man kijkt vol trots naar zijn ogenschijnlijk zelfverzekerde vrouw. Naast haar talent voor gehaktballen draaien, is dit precies de reden dat hij ooit verliefd op haar werd. In de loop der jaren is het verval er echter langzaam ingeslopen. Het begon met het knippen van haar haar – lekker kort en praktisch – en het dragen van witte leggings, maar waar houdt het op? Als hij haar nu zo ziet staan, maakt dat allemaal niets meer uit. Hij geeft haar een kus en voert de postcode in die zijn vrouw zojuist in het berichtje heeft ontvangen.

Met trillende handen stapt ze achter het stuur terwijl ze haar man in haar achteruitkijkspiegel ziet zwaaien. This is the moment. Klakkeloos volgt ze de mevrouw van de TomTom tot ze de gevleugelde woorden ‘Uw bestemming is bereikt’ hoort. Ze kijkt naar buiten, maar iets klopt er niet. De dranghekken staan klaar en het publiek is dik aangekleed, maar waar is het ijs? Ze schraapt haar keel: ‘Aan de kant! Personeel!’ Verwilderd staat ze voor de dranghekken zich af te vragen waar ze is. Geen koek. Geen zopie. Geen strakke billen in strakke schaatspakjes.

Prompt wordt ze omver gelopen door een klunende Keniaan. En nog een. En nog een. Ze draait zich om en staat oog in oog met het Kurhaus. Ze is gestrand in Scheveningen. Langzaam vallen de puzzelstukjes op zijn plek. Het is een test. De ultieme test van IJsmeester Tjibbe. De doerak. Voorzichtig informeert ze naar het evenement bij een schreeuwende voorbijganger (‘Hup Henk! Hup Ingrid! Hup Joop! Hup Mohammed! Hup Sjaan!’). Het is de CPC Loop. De teleurstelling druipt van haar ijzige gezicht, maar ze zet haar beste beentje voort. Ook hier zijn rayonhoofden blijkbaar onmisbaar.

Bedroefd zit ze aan het eind van de dag in de auto terug naar Friesland. Wat zal haar man zeggen? Naarmate ze dichter bij huis komt, verdwijnt haar ijskoude humeur naar de achtergrond. Haar droom is dan wel voorbij, maar nu heeft ze eindelijk tijd om de dingen te doen die haar hartje sneller doen kloppen. Ze trapt het gaspedaal wat dieper in. Vijftig Tinten Grijs ligt immers smachtend op haar te wachten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s