Jordanië: Overmoed is zelden goed, of zoiets

Het hete zand in de woestijn van Wadi Rum vindt zijn weg via mijn slippers tot mijn tenen. Over kolen lopen is er waarschijnlijk niets bij. We versnellen onze pas om zo snel mogelijk de schaduw te bereiken waar koel (correctie: koeler) fijn zand op ons wacht. Het is nog maar een klein stukje tot de kloof waar het pas echt lekker is.

Onze gids had niets te veel gezegd. Een moment staan we stil om bij te komen van de hete woestijnlucht. De smalle canyon vraagt echter om een ontdekkingstocht. Even denk ik aan mijn gympen die nog in de jeep liggen. Op zich was dat nu wel handig geweest, maar gemakszucht wint overtuigend van de praktische instelling.

Voor ons zien we na enkele tientallen meters een Aziatisch meisje staren naar een steile wand. Haar reisgenote is met wat hulp omhoog geklommen en moedigt haar aan om ook te komen. Ze is echter klein en het lukt niet om de grote stappen te zetten die nodig zijn om de juiste weg omhoog te vinden. Bovendien durft ze het niet zo goed aan. Bij het zien van onze komst, verschuiven de reisgenote en een gids hun aandacht op ons twee. ‘Join us!’

Vriendin M. en ik kijken haast tegelijk naar onze slippers. Dat gaat hem niet worden. ‘Barefoot! That’s the best way to go!’, roept de Jordanese gids. We kijken elkaar aan en voor we het weten, staan we op blote voeten in de kloof. Vriendin M. gaat eerst. Heel voorzichtig klautert ze drie passen omhoog, maar haar lengte zit niet mee. De volgende passen zijn te risicovol om te zetten, dus ze geeft het op.

In stilte juich ik mijn lengte toe. Dit is zeldzaam tijdens het reizen in een land dat ingesteld is op mini-mensen. Zo stap ik hier structureel met blauwe knieën een bus uit en dan ben ik echt niet zo heel lang. Onder aan de wand kijk ik omhoog. Het is steil, de passen zijn groot, maar de hoogte lijkt mee te vallen. Dat ik daar nog op terug zou komen, had ik uiteraard – overmoedig als ik ben – geen seconde aan gedacht. Ik zie echter de gids een stukje naar beneden klimmen en me zijn hand toereiken. Let’s go!

De eerste passen, gaan nog redelijk, maar al snel glijden mijn voeten weg en heb ik te weinig grip met mijn handen. Met wat aanwijzingen en wat hulp, lukt het me uiteindelijk om het stukje te klimmen. Eenmaal boven kijk ik om me heen, op zoek naar het beloofde prachtige uitzicht. Mijn daadwerkelijke uitzicht blijkt echter een nieuwe wand te zijn. Nog wat hoger en steiler dan de vorige. Dat kon je dus niet zien van beneden.

De gids is in een paar passen boven. Maar mijn poging om ook deze wand te beklimmen,  staak ik al snel. Nu hebben mijn voeten er op het moment wel eens beter uitgezien, maar zoveel eelt heb ik nou ook weer niet gekweekt om dit met blote voeten te doen. Ik tuur naar beneden waar vriendin M. staat te wachten. ‘Ik kom weer terug!’ Opeens dringen de woorden van de Japanse reizigster door die zojuist met de gids de tweede wand heeft beklommen. ‘It is easier to climb the wall, than to get down’.

Waarom bedenk ik me dat nu pas? Met blote voeten omhoog is een ding, maar naar beneden… De gids en de Japanse zijn in geen velden of wegen te bekennen. Vriendin M. staat met achtergebleven Taiwanese beneden te wachten. Langzaam laag ik me naar beneden glijden om mijn voet neer te kunnen zetten. Waarom ben ik niet wat leniger? Dat was nu een stuk makkelijker geweest.

IMG_3947Ik merk echter dat ik weg glij met mijn voeten en ook mijn handen verkrampen. Zo boven aan de wand lijkt het daarbij ook nog eens een stuk  hoger en steiler. Mijn benen beginnen te trillen en ik weet niet meer of het nou van vermoeidheid is of pure angst. Een ding weet ik zeker, als ik niet nu uit deze positie kom, val ik naar beneden. Met mijn reputatie als stuntelkoningin, is de kans aanzienlijk dat ik dan mijn benen breek. Ik neem een klein risico en hijs mezelf weer wat omhoog.

Ik durf niet meer. Ik durf echt niet. Een held op sokken. Dat is wat ik ben.

‘Wacht anders op de gids,’ zegt vriendin M. bezorgd. Ze kent me ondertussen ook wat langer dan vandaag en weet dat dit zomaar eens mis kan gaan. Het lijkt me verstandig, maar ik durf niet alleen niet meer naar beneden, maar ook niet meer omhoog. De gids is spoorloos en mijn benen kunnen niet ophouden met trillen. Dan opeens zie ik een mogelijke uitweg. Een andere route. Ik houd mijn adem in en wacht op het moment dat ik zo naar beneden stort, maar dan voel ik grip en weet ik naar beneden te komen.

Ik spreek mezelf streng toe als ik een beetje bijkom van de schrik. Ik ga nooit meer met blote voeten klimmen en ook niet meer klimmen zonder dat ik weet hoe ik naar beneden moet. NOOIT MEER.

Nog geen uur later, staan we – dit keer met onze trouwe AllStars – weer bovenop een rots. Hoe heb ik het voor elkaar gekregen weer omhoog te klimmen zonder dat ik weet hoe we naar beneden moeten? Ik zal nog eens iets met mezelf afspreken.
Ik slaak een diepe zucht en klim langzaam naar beneden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s